Beeld2
Foto: Hivos - Edward Echwalu

Adrian, oog van de orkaan

Het kantoor van Adrian Jjuuko is een vesting. De jonge advocaat wordt beveiligd door hoge muren vol prikkeldraad, een zwaar metalen hek en een wachtershuisje dat altijd bemand is. Als het nodig is kan hij vluchten via de rode deur aan de achterkant. Tot nu toe heeft hij dat nog niet hoeven doen, maar wie zich in Oeganda publiekelijk inzet voor de rechten van homo’s, kan maar beter voorbereid zijn op het ergste.

Bang is Adrian niet. Er zijn een paar inbraakpogingen geweest, maar nooit werd duidelijk welk doel die hadden: ‘gewone’ inbraken zijn niet uitgesloten. De kans dat mensen hem of zijn cliënten kwaad willen doen is echter levensgroot. Adrian verdedigt boeren wiens land onteigend wordt, maar werd bekend als advocaat van LHBT’s en sekswerkers. Dat roept weerstand op in het aartsconservatieve Oeganda; bedreigingen, ook gericht op zijn familie, zijn er dagelijks. De haat jegens homo’s, lesbiennes en transseksuelen groeit met de dag in Oeganda, waar homoseksualiteit sinds mensenheugenis strafbaar is. Toen president Yoweri Museveni in 2014 een wet ondertekende die veel strenger straffen mogelijk maakte, leek de laatste rem op geweld te verdwijnen.

De haat die wet werd

De Oegandese Anti-homowet werd wereldwijd berucht. Zij verbood het ‘bevorderen van sodomie’ en bestraft ‘ernstige vormen van homoseksualiteit’ met levenslange gevangenisstraffen. Homoseksuelen en lesbiennes, maar vooral transseksuelen, zijn sinds de aanname van de wet vogelvrij. Zij worden in elkaar geslagen op straat en niet langer beschermd door de autoriteiten. Wanneer zij zich melden bij de politie, lopen zij het gevaar om zelf bestraft te worden.

Adrians advocatenkantoor, het ‘Human Rights Awareness and Promotion Forum’ (HRAPF) kon de toeloop van nieuwe cliënten na aanname van de wet nauwelijks bijbenen. Het aantal arrestaties, mishandelingen, bedreigingen, huisuitzettingen en verbanningen van LHBT’s verdrievoudigde in korte tijd. Het HRAPF staat mensen die daarvan het slachtoffer zijn bij en werkt daarnaast achter de schermen aan andere wetgeving.

Dat laatste doen echter ook Adrian’s tegenstanders. De anti-homowet was het resultaat van een jarenlange haatcampagne van fundamentalistische Christenen, aangevoerd door Amerikaanse ‘evangelicals’ met gigantische budgetten. Met de Bijbel in de hand zijn zij erin geslaagd om grote delen van de Oegandese bevolking op te hitsen tegen iedereen die niet is zoals zij. Homo’s, zo stellen de predikers, rekruteren jongeren, verkrachten tienerjongens en doen het met dieren. Mensenrechtenactivisten als Adrian Jjuuko zijn volgens hen agenten van het Westen, die het Gods heilige huwelijk willen vervangen door een ‘cultuur van seksuele bandeloosheid’.

De strijd en het succes

In de zomer van 2014 werd de anti-homowet door het Constitutionele Hof in Oeganda ongeldig verklaard in een zaak die aangespannen was door het HRAPF en andere organisaties. Later dat jaar uitte president Museveni zijn zorgen over de gevolgen van de wet voor de internationale positie van Oeganda. Beide gebeurtenissen waren een grote overwinning van de activisten, maar een goede afloop is nog niet in zicht. De parlementariërs en lobbygroepen die verantwoordelijk waren voor de verworpen wet stortten zich onmiddellijk op het ontwerpen van een nieuwe versie.

Ondanks dat de anti-homowet voorlopig van de baan is, veranderde de agressieve houding van de Oegandese overheid en de bevolking jegens LHBT’s nauwelijks. Het is nog steeds ronduit gevaarlijk om openlijk te pleiten voor de rechten voor LHBT’s. Het HRAPF kiest er daarom voor om dat niet direct te doen; de organisatie spreekt zich alleen uit voor mensenrechten in algemene zin. Die strategie werkte in de zaak tegen de anti-homowet. Een ander gevaar waarvan Adrian en de zijnen zich voortdurend bewust moeten zijn is hun samenwerking met westerse overheden en organisaties als Hivos. Die samenwerking maakt hun werk mogelijk en hun stem sterker, maar maakt hen tegelijkertijd kwetsbaar voor kritiek dat hun strijd een westerse is.

Gevangen tussen werelden

Wie Adrian kent, weet dat zijn strijd door niets anders wordt gemotiveerd dan zijn eigen geweten. Ook hij was ooit ‘anders’: als weeskind was hij voortdurend slachtoffer van pesterijen en discriminatie. Hij snapt hoe onrechtvaardig het is om te worden afgerekend op dingen die je niet in de hand hebt. Rechten moeten gelden voor iedereen. Met zijn strijd voor LHBT’s voegt hij de daad bij het woord: Adrian valt niet op mannen.

Zijn werk is soms eenzaam. Adrian balanceert tussen westerse organisaties en Oegandese instanties; is een schakel tussen de homobeweging en de rest van de samenleving. Nergens is hij echt thuis, nooit is hij helemaal veilig. Toch is Adrian vastberaden en rustig, als het oog van een orkaan. Hij wordt omring door de dikke muren van zijn kantoor, maar zal zich niet verstoppen.

Wil je ook bijdragen aan de strijd voor rechten van LHBT's?

Doneer nu

Op onze internationale site lees je meer over wat we wereldwijd doen voor sexuele rechten en diversiteit.