Zorg wereldwijd voor kringlooplandbouw en een gelijk speelveld voor boeren

We moeten toe naar een vorm van landbouw die samenwerkt met de natuur, en haar niet om zeep helpt. Het kabinet moet kringlooplandbouw dan ook internationaal promoten, stellen Sybren Attema, CEO van Icco Cooperation, en Edwin Huizing, CEO van Hivos in een opinie-artikel in Trouw. Zo ontstaat een gelijk speelveld.

De stikstofdiscussie maakt overduidelijk dat ons landbouwsysteem toe is aan een grondige herziening. Hoe kunnen boeren aan strengere milieuregels voldoen zonder het loodje te leggen? Importproducten hoeven vaak aan minder strenge eisen te voldoen. Nederlandse boeren hebben absoluut een punt: er is sprake van een ongelijk speelveld.

Vanuit internationaal perspectief bezien zijn boeren wereldwijd de dupe van hetzelfde onhoudbare systeem, dat leidt tot uitputting van de aarde en onrechtvaardige mondiale verhoudingen. De enorme vraag naar ruwe producten zoals soja en palmolie leidt tot ontbossing en landonteigening en kan net als de export van Europese voedselproducten een ontwrichtend effect hebben op lokale markten en de toegang tot voldoende gezonde voeding in ontwikkelingslanden. Zo werd Senegal jarenlang overspoeld door uien uit Nederland, terwijl het zelfvoorzienend is in de uienteelt. En in veel Afrikaanse landen is geïmporteerde kip in de supermarkt goedkoper dan kip van een lokale boer.

Mondiaal gelijk speelveld

Om boeren wereldwijd een beter perspectief te geven, moet het kabinet kringlooplandbouw ook internationaal promoten en pleiten voor een mondiaal gelijk speelveld voor boeren en voedselverwerkers. Daarnaast moet het kabinet coherent beleid voeren zodat onze handel de ontwikkeling van lokale voedselmarkten niet ondermijnt.

We moeten toe naar een vorm van landbouw die samenwerkt met de natuur, en haar niet om zeep helpt. De Nederlandse kringlooplandbouw, waarin boeren aan de bodem teruggeven wat ze er aan voedingsstoffen uithalen, en waarin reststromen optimaal worden benut, is een goed voorbeeld. Om klimaatverandering en ondervoeding tegen te gaan, moeten we kringlooplandbouw op internationale schaal bepleiten. Dit betekent meer prioriteit geven aan ontwikkeling van lokale markten om de productie-consumptiekringloop zo lokaal mogelijk te organiseren.

Onze huidige manier van produceren en consumeren is niet langer houdbaar.

Deze investeringen zijn niet alleen wenselijk vanuit milieuperspectief, maar ook het beste medicijn tegen armoede, honger en werkloosheid. Het zaadbedrijf East West Seed laat zien hoe het Nederlands verdienvermogen succesvol positieve invloed op lokale voedselzekerheid aan marktontwikkeling koppelt. Het won de World Food Prize. Door samen met boeren in Oost-Azië en Afrika hoogwaardige groenterassen voor de lokale context te ontwikkelen, krijgen kleinschalige boeren toegang tot diverser en gezonder voedsel.

Uitbuiting in ontwikkelingslanden

Een gelijk speelveld betekent gelijke spelregels voor alle boeren. De import van legbatterij-eieren uit Oekraïne en hormoonvlees uit Brazilië – ten koste van onze eigen producten en boeren die wel voldoen aan strenge regels – moet tegen het licht worden gehouden. Tegelijkertijd moeten we ook kritischer kijken of onze eigen export, handel en investeringen bijdragen aan uitbuiting in ontwikkelingslanden. Het Nederlandse beleid voor internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen omvat vooralsnog alleen vrijwillige maatregelen voor bedrijven. Dat is onvoldoende, ook wetgeving is nodig. En we moeten serieuzer werk maken van de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen, opgesteld door de VN.

Een radicale omslag naar een mondiaal duurzamer en eerlijker voedselsysteem is nodig. Laat minister Kaag, in navolging van haar collega Schouten in Nederland, daarom ook pleiten voor kringlooplandbouw en zorgen dat boeren wereldwijd zichzelf en hun gemeenschappen kunnen blijven voeden. Onze huidige manier van produceren en consumeren is niet langer houdbaar.

Dit artikel wordt ook onderschreven door Oxfam Novib, Woord en Daad, Edukans en werd gepubliceerd in Trouw