COVID-19: gevolgen voor de harde werkers aan het begin van onze distributieketens

Terwijl COVID-19 zich verspreidt en alle aspecten van ons leven drastisch beïnvloedt, heeft het ook al lang bestaande problemen in de globale distributieketens aan het licht gebracht. Lage lonen, geen vaste contracten, genderongelijkheid en een gebrek aan sociale bescherming maken dat werknemers aan het begin van de distributieketens de meeste klappen opvangen tijdens een crisis. Nu is het moment om globale solidariteit te tonen en om onze niet-duurzame distributieketens te herzien.

In een persbericht van 16 maart waarschuwt de Nederlandse Bloemenveiling dat zonder steun veel bedrijven de crisis niet zullen overleven. Met de bloemensector als derde grootste exportsector van Nederland, betekent dit een grote klap voor onze economie. Maar de impact zal het meest gevoeld worden in oostelijk en zuidelijk Afrika, waar de meeste bloemen gekweekt worden.

Daarna, op 20 maart, maakte de Keniaanse Bloemenraad bekend dat 30.000 werknemers van Keniaanse bloemenkwekerijen naar huis zijn gestuurd. De vraag naar bloemen is gedaald en daarom annuleren inkopers hun bestellingen. En de bloemen die nog verkocht worden, gaan eruit voor spotprijzen.

Goed klimaat, lage lonen

Een van de redenen waarom rozen in Afrika geproduceerd worden is vanwege het klimaat. In Nederland is het simpelweg te koud voor rozen om te groeien. Een andere reden is de lage lonen. Dit geldt niet alleen voor bloemen, maar ook voor ons voedsel en veel andere producten die we consumeren.

Sommige van deze lage-inkomens-landen, zoals Ethiopië, kennen geen minimum loon. Dit leidt tot lonen die soms zelf lager zijn dan de Wereld Armoedegrens van 1,90 US dollar per dag. En sommige landen die wel een minimumloon kennen, hebben dat al jaren niet veranderd. Zo is in Oeganda het minimumloon onveranderd gebleven sinds 1984. En geen enkel van de minimumlonen van Kenia, Tanzania, Rwanda, Oeganda, Zambia en Zimbabwe haalt het niveau van een leefbaar loon: het bedrag dat nodig is om te kunnen voorzien in je basisbehoeften, zoals onderdak, voedsel en spaargeld.

Vrouwelijke bloemenplukkers

Aan het begin van de distributieketen in de bloemensector staan de bloemenplukkers. Omdat het een laag betaalde baan is en vaak als ‘vrouwenwerk’ beschouwd wordt, zijn het meestal vrouwen die dit werk verrichten. Inkomens onder het leefbaar loon zijn altijd problematisch, maar in crisistijd is dat nog meer het geval. Het betekent dat de bloemenplukkers geen spaargeld hebben kunnen opbouwen en dus geen vangnet hebben. Het betekent ook dat ze geen geld hebben voor gezondheidszorg in tijden van een epidemie of pandemie.

De bloemenplukkers hebben vaak geen contract en werken op flexibele basis. Wanneer de vraag afneemt, is het dus makkelijk om hen te ontslaan. De meeste landen waar de bloemen gekweekt worden, kennen geen sociaal zekerheidsstelsel. De bloemenplukkers hebben dus niets om op terug te vallen als zij hun baan verliezen. Het feit dat veel rozentelers manieren vinden om belasting te ontwijken in de landen waar ze produceren, maakt dit alleen nog maar erger.

In deze landen zijn vrouwen bijna altijd de primaire verzorgers; zij zullen als eerste thuis voor de zieken zorgen en daardoor meer risico lopen om zelf ook ziek te worden. Dit gebeurde ook tijdens de ebola-epidemie. Veel van de vrouwen die op de bloemenkwekerijen werken, zijn bovendien alleenstaande moeders die met hun kinderen in kleine ruimtes wonen. Dit maakt hen extra gevoelig voor infecties.

Het is tijd voor een nieuw systeem

De snelle verspreiding van COVID-19 heeft de mate van globalisering en onze wederzijdse afhankelijkheid blootgelegd. Producerende landen voelen onmiddellijk de afname in vraag, terwijl importlanden worstelen met de toevoer van middelen. We hebben elkaar nodig in een van de grootste globale crises in tijden. Dit is onze kans om de manier waarop we dingen doen te herzien en de nodige veranderingen door te voeren. Het is tijd voor een nieuw systeem.

De globale distributieketens, van bloemen maar ook van andere sectoren, moeten gelijkwaardiger worden. Iedereen in de keten zou een leefbaar loon moeten krijgen. Dit maakt mensen minder kwetsbaar en de ketens duurzamer en eerlijker. Hier hebben we allemaal een aandeel in, van producent tot consument. Alleen dan staan we sterk genoeg in tijden van globale economische instabiliteit.

Hivos werkt in oostelijk en zuidelijk Afrika aan het verbeteren van de werkomstandigheden van bloemenpluksters. Met ons Women@Work-programma zetten wij ons in voor een leefbaar loon waarmee vrouwen kunnen voorzien in hun basisbehoeften.