Economische Zaken: bedrijven helpen bij aanpak kinderarbeid

8 oktober, 2009

 

Het Ministerie gaat aangeven in welke landen en bij welke producten Nederlandse bedrijven met name risico lopen om te maken te krijgen met kinderarbeid. Op die manier kunnen bedrijven beter inschatten welke risico’s aanwezig zijn, als zij willen investeren of handelsrelaties aangaan in het buitenland.

 

Onderzoeksrapport VS

 

Op 10 september 2009 publiceerde het Amerikaanse Bureau of International Labor Affairs (ILAB), onderdeel van het ministerie van Arbeid, een lijst van 122 producten uit 58 landen die mogelijk door middel van kinderarbeid of dwangarbeid worden geproduceerd. De lijst is gebaseerd op 15 jaar onderzoek en uitgebreide literatuurstudie.

 

De Amerikaanse lijst geeft expliciet aan dat niet alle producten in de landen met kinderarbeid tot stand zijn gekomen, maar dat er wel belangrijke aanwijzingen zijn dat kinderarbeid of gedwongen arbeid voor kan komen bij de productie. Ook geeft de lijst geen informatie over individuele bedrijven.

 

Persbericht en kamervragen

 

In een persbericht ( 18 september 2009) pleitte de Campagne Stop Kinderarbeid voor een vergelijkbare lijst, toegespitst op de Nederlandse markt, die ieder jaar na gedegen onderzoek zou moeten worden gepubliceerd.

 

Daarop stelden Tweede Kamerleden Ortega-Martijn (ChristenUnie) en Gesthuizen(SP) kamervragen aan de Minister en staatssecretaris van Economische Zaken.

 

De reactie hierop van het Ministerie is positief. "Door beter inzicht te hebben in de risico’s van landen en producten, kunnen bedrijven extra alert zijn om dergelijke schrijnende en ongewenste situaties te vermijden," aldus Heemskerk.

Lees ook