ENG ESP
 


 

Ute Seela

WAT:
Co-chair pluralism knowledge programme
 

HET VROUWENMONUMENT

Gepost op | 21/03/2011

Caroline Suransky op sabbatical in Zuid Afrika



Aan de rand van de stad Bloemfontein staat het Nationale Vrouwenmonument, een obelisk van 35 meter hoog. Een cirkelvormige lage muur omringt het monument, dat in 1913 werd onthuld ter herinnering aan de ontberingen die vrouwen en kinderen troffen tijdens de 2e Anglo-Boerenoorlog (1899 -1902). Tegenwoordig wordt deze oorlog de ‘South African war’ genoemd, om duidelijk te maken dat niet alleen de Engelsen en de Boeren hierbij betrokken waren maar ook vele andere, met name zwarte Zuid Afrikanen. Het nabijgelegen oorlogsmuseum meldt dat ongeveer 27.000 vrouwen en kinderen van Afrikaner en Nederlandse afkomst destijds gestorven zijn in de Britse concentratiekampen.

Op zondag 20 februari vond hier de jaarlijkse kranslegging door de blanke Afrikaner gemeenschap plaats. De rector van de University of the Free State, Prof. Jonathan Jansen, had besloten om dit jaar zelf deze handeling namens de universiteit te verrichten. Het was de eerste keer dat een zwarte rector dit deed. Hij nodigde me uit om mee te gaan, waarop mijn politiek bewuste sabbatical collega’s het niet konden laten me uit te lachen. Maar ze leken ook nieuwsgierig, toen ik hen zei graag op deze uitnodiging in te willen gaan.

Bij het monument aangekomen, zag ik dat er ongeveer 25 mensen waren, vooral oudere blanke Afrikaners. Je zou hen maar moeilijk kunnen onderscheiden van de dorpelingen in het Nederlandse Barneveld. Daarnaast waren er nog wat schoolmeisjes in de formele uniformen van hun respectievelijke scholen. De dominee, ook niet te onderscheiden van zijn Barneveldse ambtsgenoot, sprak met plechtig gevoel. Een aantal mensen, onder wie Jonathan, legden een krans. Vervolgens begaf het hele gezelschap zich naar een nabijgelegen begraafplaats voor een eerbetoon aan twee vrouwen. Ondertussen werd het de organisatoren duidelijk dat er zich een Hollandse vrouw in hun gezelschap bevond. Aan mij het verzoek - en de eer - om één van deze kransen te leggen bij het graf. Het voelde een beetje ongemakkelijk en het herinnerde me een vergelijkbaar onverwacht verzoek een paar jaar geleden, tijdens een plechtigheid in een dorpje in India. Zoiets was het, maar met dit verschil dat deze Afrikaners familie van ons Nederlanders zijn. Dat gegeven kleurde mijn betrokkenheid anders in - en gaf een wat ambivalent gevoel. Alsof je symbolisch deel uit maakt van iets dat veel groter is, zonder dat je daar zelf voor lijkt te kunnen kiezen.

Ter afsluiting was er een vrij korte kerkdienst. De dominee verwees een aantal keer naar Abraham Kuyper, ‘Soevereiniteit in eigen kring’ en dat je een ‘volledig Christen’ (spreek uit: Gristen) zou moeten zijn. De sfeer, de geuren, de lichaamstaal, de intonaties… het voelde alsof ik in een geschiedenisboek terecht was gekomen. Een beetje gedesoriënteerd verliet ik daarna met Jonathan de kerk. Ik dacht aan mijn ouders in die in de jaren 60 wilden ontsnappen aan de verstikkende calvinistische omgeving waarin ze leefden.

Maar dit was 2011 en ik zat in de auto, jazz muziek erbij, naast een zwarte rector van een voormalig blanke Afrikaner universiteit, op weg naar een barbecue (‘braai’ op z’n Zuid Afrikaans) waar we gingen discussiëren over de actuele betekenis van ‘vergeving’ in de Zuid Afrikaanse politieke geschiedenis van na 1994, het jaar dat Nelson Mandela president werd. De verschillende leefwerelden in Zuid Afrika blijven me verbijsteren.



PARTNER IN FOCUS
Kenya Female Advisory Organisation
Uitbannen van besnijdenis
 
WEB 2.0
Twitter Facebook Youtube
 
Postcode lotterij CBF Alliance