Geen nieuws, goed nieuws? Of stilte voor de storm?
De aanloop naar de verkiezingen in Oeganda verloopt rustig. In Afrika is het heel gewoon dat de aanhangers van politieke tegenstanders het verbale geweld van de leiders kracht bijzetten door met elkaar op de vuist te gaan, waarbij die vuist soms een knuppel of hakmes vasthouden, al naar gelang de plaatselijke gewoonte.
En de politie kan heel selectief meppen bij het uiteenhouden van de twee kampen, waarbij de meeste klappen nooit de regeringsaanhang treffen. Deze keer is het anders, ‘beter’. Het ziet er naar uit dat de spelers het spel beter leren spelen, meer zoals wij dat doen in de gevestigde democratieën – nou ja, zo wordt me soms tegengeworpen, hoe lang zijn de ‘westerse’ EU-landen als Griekenland en Spanje nou helemaal een democratie?!
Niet alleen hier in Oeganda, maar ook in Tanzania in oktober en in Kenia in augustus verliep alles gesmeerder dan bij eerdere verkiezingen. Ik denk dat hier verschillende redenen voor zijn aan te wijzen. In landen met een zekere mate van politiek fatsoen, zoals in Oost-Afrika gangbaar, worden de politieke mores geleidelijk bijgeschaafd. Dit gebeurt, mede onder druk van de internationale gemeenschap maar meer nog door het gestaag toenemende opleidingsniveau van de bevolking en de sterke drang van de civil society, hat maatschappelijk middenveld, zich met het bestuur van het land te bemoeien. Politici moeten steeds meer ook na de verkiezingen rekening houden met de stem van het volk.
Ook de baas van de verkiezingen, de Kiesraad, draagt bij aan veel door de Rechtbank, werd beoordeeld als tekort geschoten in zijn taak en in het naleven van zijn eigen regels. Toen het vonnis viel waren de nieuwe regering en parlement allang aangetreden. Vriend en vijand, de eersten hardop en met overtuiging, de laatsten schoorvoetend en halfhartig misschien, erkennen dat de Kiesraad goed presteert. Het modewoord transparantie is aan hen niet voorbijgegaan. De website levert veel nuttige en steeds actuele informatie, wat met internetcafés en actiegroepen tot in alle hoeken van het land geen digitale wassen neus of een service voor de stedelijke elite blijft. Een Concreet voorbeeld. In Oeganda, net als in de meeste landen van het Britse Gemenebest, wordt het Westminsterstelsel gebruikt, waarbij per kiesdistrict degene met de meeste stemmen de parlementszetel krijgt, the winner takes all.
Bevolkingsregister
Een veel vervelender erfenis is het kiesregister. Bij ons wordt iedereen - die op verkiezingsdag oud genoeg is - uit de digitale kaartenbak van de gemeente gelicht en uitgenodigd om te gaan stemmen. Hier niet. Het bevolkingsregister wordt slecht bijgehouden. Overledenen worden vaak niet geregistreerd, of niet of heel laat doorgegeven – geen zorgen om grijze fraude, AOW is er niet en kan dus niet ten onrechte worden geïnd. In Oeganda wordt voor elke verkiezing het kiesregister op nieuw aangelegd. Wil je gaan stemmen, dan moet je je eerst laten registreren - pakweg 8 maanden voor de verkiezingen! Probeer je even voor te stellen hoe dat bij ons in Nederland zou uitpakken voor het opkomstpercentage. Later mag je dan nog eens gaan controleren of je naam inderdaad op de lijst staat, en of die goed gespeld is. Hier ligt dus een bron van oplichting: als overledenen niet als dood geregistreerd staan kan een ijverige ambtenaar die makkelijk op de lijst zetten en vrienden met de kiespassen op naam van die niet-doden laten gaan stemmen op de juiste partij. En dat dan bijvoorbeeld 100 x in een gemeente. De Kiesraad heeft dit aangepakt en is digitaal gegaan. Van alle kiezers is het identiteitsbewijs met foto gescand en opgeslagen in een groot bestand, en dat is on-line gezet. Hebben we in ons land eigenlijk iets vergelijkbaars?
Modern
In Kenia ging de Kiesraad nog een stapje verder: als proef werd in een kieskring de kiezerregistratie gedaan door je vingerafdruk in een laptop op te slaan. Kwam je stemmen, dan legde je je vinger weer op het scanapparaatje, en als het woordje MATCH!!! opflikkerde op het scherm – zoals in een Amerikaanse crime series – dan mocht je stemmen.
E-day
Morgen (18 februari 2011) is de E-day, election day. Een vrije dag. Behalve voor de stembureauleden, de politie, enzovoort, en voor de waarnemers. Ik ben één daarvan, in een groepje van een stuk of 20 uit Oost-Afrika en Zimbabwe, bijna allemaal Hivos-partners. Wij vormen het internationale vleugeltje van een leger van 5000 Oegandese waarnemers die morgen – vrijdag 18 februari - in evenzovele stembureaus een oogje in het zeil houden. Ze zijn daarvoor getraind door partnerorganisaties van Hivos en Oxfam Novib samen.
Ondertussen is het op deze laatste dag voor de verkiezingen ongewoon rustig op straat in de hoofdstad Kampala. Alle openbaar vervoer de stad uit is al twee dagen overbelast – en de kaartjes zijn heel marktconform een stuk duurder ineens. Heel veel stedelingen stemmen nog altijd in hun geboorteplaats. Maar ook veel niet-stemmers, mensen die zich niet lieten registreren, zoeken de rust van hun dorp op, want je weet maar nooit, als er overmorgen een politieke storm opsteekt, dan ligt het oog daarvan beslist in Kampala. Bijvoorbeeld als de verliezer meent dat hij is benadeeld bij het tellen van de stemmen.







